/POP2
Het plattelandsontwikkelings programma voor 2007 tot 2013, ook wel POP2 genoemd, is een Europees subsidieprogramma dat op de ontwikkeling van het platteland in brede zin gericht is. POP2 volgt op de eerste periode 2000-2006.
In de nieuwe verordening is sprake van vier doelstellingen. Voor iedere doelstelling zijn zogenaamde "assen" geformuleerd waarbinnen Europa een aantal maatregelen voorstelt. Elke lidstaat maakt in de loop van 2006 een programma waarin de 4 assen terugkomen. Lidstaten zijn verplicht om aan elke prioritaire as een bepaald minimum aandeel van het Europese budget te besteden. Aan as 1 en 3 minimaal 10 %, aan as 2 minimaal 25 % en aan de LEADER-as minimaal 5 %.
As 1. Verbetering concurrentiekracht van landbouw- en bosbouwsector; waarin maatregelen mogelijk zijn zoals:
• Beroepsopleiding, voorlichting, verspreiding van kennis;
• Vestigingssteun voor jonge boeren;
• Vervroegde uittreding;
• Gebruik van bedrijfsadviesdiensten;
• Oprichting van bedrijfsverzorgingsdiensten e.d.;
• Modernisering van bedrijven (investeringssteun);
• Verhoging van toegevoegde waarde (verwerking en afzet);
• Samenwerking ter bevordering van nieuwe producten/technologieën;
• Verbetering en ontwikkeling van infrastructuur;
• Herstel productiepotentieel na natuurrampen.
As 2. Verbetering kwaliteit van natuur en landschap door steun voor beheer van platteland; waarin maatregelen mogelijk zijn zoals:
• Maatregelen voor zowel landbouwgrond als bosbouwgrond;
• Compenserende vergoedingen voor landbouwers in berggebieden en andere gebieden met handicaps (Less Favoured Areas);
• Compenserende vergoedingen voor boeren in gebieden die vallen onder Natura 2000 en Kaderrichtlijn Water;
• Landbouwmilieuvergoedingen (bijv. Agrarisch natuur- en landschapsbeheer;
• Omschakelingspremies voor biologische landbouw en steun voor instandhouding van genetische bronnen);
• Dierenwelzijn (verbintenissen voor verplichtingen die verder gaan dan wettelijke eisen);
• Niet-productieve investeringen.
As 3. Verbetering van kwaliteit van leven op het platteland en diversificatie van de plattelandseconomie waarin maatregelen mogelijk zijn zoals:
• Diversificatie van plattelandseconomie: micro-ondernemingen, bevordering van toeristische activiteiten;
• Leefkwaliteit: basisvoorzieningen, dorpsvernieuwing, instandhouding en ontwikkeling van landelijk erfgoed (cultuurhistorisch en natuurlijk)
• Training en informatie voor economische actoren
• Verwerving van vakkundigheid en "dynamisering" t.b.v. opstellen locale ontwikkelingsstrategieën
As 4: Bottom up plattelandsontwikkeling door locale actiegroepen (Leader benadering).
Mainstreaming van bestaande Leader programma: bottom up plattelandsontwikkeling door locale actiegroepen, bepalingen m.b.t. het proces van samenwerking (plaatselijke groepen, publiek-privaat, van onderaf, multi-sectoraal, innovatief, netwerken).
Nederland stelt voor de komende programmeringperiode een landsdekkende POP op, zonder opdeling in regionale of provinciale programma's. De uitvoering van dit programma loopt langs twee sporen; het ondernemersspoor via het Ondernemersprogramma en het gebiedsgerichte spoor via het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG).
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
Rob Korten of Peter Hoogenboom
0317-491540